In deze tijd van het coronavirus > kalmte in de storm?!

“You can’t calm the storm, so stop trying. What you can do is calm yourself. The storm will pass”

-Timber Hawkeye-

 

Het coronavirus mag met recht een storm genoemd worden.

Een storm die over de wereld raast, die Nederland vol raakt en die, op wat voor manier dan ook, ook impact op jou zal hebben.

 

De impact die het heeft, zal voor iedereen anders zijn en ook verschillend worden beleefd. Als je in de frontlinie werkt of als je zelf of een naaste is getroffen door het virus, dan word je direct geconfronteerd met de heftigheid van die storm.

Maar ook de mensen die iets meer op afstand staan ervaren de impact in een totale aanpassing van hun dagelijks leven en hun agenda.

Hoe dan ook, we zijn 'van slag' in de letterlijke betekenis van het woord. En die verandering heeft gevolgen voor hoe we ons voelen:

 

Hoe ervaar jij dit tot nu toe? Wat merk je bij jezelf op?

  • Ben je onrustig of maak je je vaker zorgen,
  • Reageer je gelaten omdat je nog niet weet wat je ermee moet?
  • Vind je van jezelf dat je positief moet zijn; ook onder deze omstandigheden?
  • Ben je moe van al het extra werk en de continue alertheid?
  • Voel je boosheid of machteloosheid omdat je allerlei dingen nu niet kunt doen die je wel gepland had of wilde doen.
  • Heb je het gevoel dat je geen ruimte voor jezelf meer hebt omdat je kinderen thuis zijn en je niet aan je eigen werk toekomt?
  • Vul maar in…

 

Wat je antwoord ook is: velen van ons zullen verlangen naar meer duidelijkheid, meer zekerheid en naar meer rust.

 

Premier Rutte gaf in zijn toespraak van maandag 16 maart al aan dat het coronavirus “onder ons is en voorlopig ook nog zal zijn”. Dat “de opgave waar we voor staan heel groot is”. Hij gaf ook mee dat er geen eenvoudige en geen snelle uitweg uit deze situatie is. Hij riep ons op om met z’n allen aan deze opgave te werken: de medewerking van iedereen is nodig om deze moeilijke periode te boven te komen.

Ook al verlangen we ernaar: rustiger zal het de komende periode waarschijnlijk niet worden. Het wordt hard werken met elkaar om deze moeilijke situatie te boven te komen. En waarschijnlijk zullen we op korte termijn ook geen duidelijkheid hebben tot wanneer het coronavirus onder ons zal zijn.

Het is een periode van chaos en onzekerheid waar bestaande zekerheden zijn weggevallen. Dat zorgt ervoor dat we onrustig en angstig kunnen worden omdat we (1) uit ons doen zijn en (2) niet weten waar het naartoe gaat.

Het is niet ondenkbaar dat je in de stress schiet door deze situatie. Dat is overigens een gezonde reactie en nuttig in een overleeftoestand. Maar… kun je ook waarnemen dat dat gebeurt en ken je manieren om jezelf weer in het natuurlijk evenwicht terug te brengen? Zelfmanagement of zelfzorg is (ook nu) heel belangrijk, want anders ontstaat er het risico op langdurige of negatieve stress, met alle mentale en fysieke gevolgen van dien.

 

!

 

Er is een aantal manieren waarop jij je eigen stress kunt managen.

En in deze tijden van onzekerheid en onduidelijkheid is dát iets waar je zelf wél invloed op hebt en wat je zou kunnen leren en verder ontwikkelen, juist nu!

 

Terug naar het beeld van de storm.

Een storm gaat tekeer en raast; dat zie je en merk je. Daar heb je geen invloed op.

Vechten tegen een storm heeft geen zin en de storm stilleggen kun je evenmin.

Als je dat probeert kost het je juist veel energie. En deze energie heb je, nu wellicht nóg meer dan anders, nodig om goed voor jezelf te zorgen.

 

Gebruik die energie om je eigen kalmte te bewaren of te (her)vinden.

Zoals het ook rustig is in het oog van een storm.

 

De kalmte of rust kunnen (her)vinden is natuurlijk al prettig an sich.

Maar kalmte en rust in je hoofd en lijf hebben daarnaast een aantal positieve bij-effecten:

  • meer overzicht;
  • meer vanuit een helicopterview kunnen kijken;
  • meer vertrouwen;
  • meer energie;
  • meer zelfvertrouwen;
  • beter kunnen luisteren;
  • beter keuzes maken.

 

 

8 tips om de kalmte te bewaren of (her)vinden:

Als basis voor je veerkracht/weerbaarheid is het van belang dat je, ook nu, zorgt voor een structuur die voor jou goed werkt. Zorg goed voor jezelf en zorg voor een dag- en weekritme.

Daarnaast geven we hieronder 8 tips mee (in willekeurige volgorde) die mogelijk voor jou kunnen werken om meer kalmte te ervaren ook in deze periode.

Stress ontstaat vaak als je te veel prikkels ervaart en te weinig oplaadt en rust neemt.
Bij stress raakt je sympathische zenuwstelsel in de overdrive: Je trapt als het ware voortdurend op het gaspedaal van je systeem. Het is actief en staat op AAN. Gelukkig heb je ook een parasympatisch zenuwstelsel dat je helpt om weer kalm en rustig te worden en je óók zo te voelen. Zo kun je het lichaam weer in natuurlijke balans terugbrengen. Je kunt het parasympatische systeem zelf activeren met oefeningen, activiteiten én ook met positieve emoties.

 

Hieronder vind je 8 tips.

Natuurlijk bepaal jij zelf welke van onderstaande tips op dit moment voor jou toepasbaar zijn.

 

1

Zorg voor beweging

Bewegen heeft veel fysieke voordelen.

Door te bewegen verbeter je daarnaast ook je mentale/emotionele ‘conditie’. Lichaamsbeweging zorgt er bijvoorbeeld voor dat het lichaam efficiënter omgaat met het verwerken van angst en stress. Ook heeft het een positieve invloed op je stemming en humeur. En vaak is het zo dat cognitieve taken je vervolgens ook weer beter afgaan.

Kies voor de vorm van bewegen die past bij jouw gezondheidssituatie en beweegmogelijkheden. Dat geldt ook voor de duur en de frequentie.

Voor als je regelmatig sport en ook intensieve trainingen uitvoert: let op je intensiteit van het sporten in deze tijd. Als je intensief sport in een periode die je als onrustig/onzeker ervaart, is het risico dat hierdoor de stress in je lichaam op dat moment toeneemt. Sport/beweeg daarom op een wat minder intensief niveau dan je ‘normaal’ misschien doet (matig intensief).

Ga een rondje wandelen. In een ‘normale situatie’ zou je dat prima met anderen kunnen doen. In deze tijd van het coronavirus wordt ‘sociale onthouding’ van ons allemaal gevraagd en verwacht. Houd dus de geldende richtlijnen van het kabinet, het RIVM aan.

De sportscholen zijn gesloten en activiteiten van sportvereniging gaan in deze periode niet door. Wel zijn er veel mogelijkheden om thuis online mee te doen aan een sport- of beweegles. Kies een mogelijkheid die je (het meest) aanspreekt en die goed aansluit bij jouw gezondheidssituatie (, -adviezen) en mogelijkheden. Wees er wel voorzichtig mee: doe geen high-impact sport(en) als je dat normaal ook niet doet.

Bekijk wat je thuis kunt doen om meer te bewegen. Bijvoorbeeld een (extra) rondje wandelen, tuinwerkzaamheden, een klus oppakken waar je eigenlijk nooit aan toekomt, een keer extra de trap oplopen, de kast opruimen, etc.

 

2

Beperk het kijken/luisteren van nieuwsberichten rondom het coronavirus tot 2 keer per dag.

Tenzij anders noodzakelijk is; voor je veiligheid/gezondheid of in het kader van je werk.

Nieuwe informatie betekent nieuwe prikkels. De kans is groot dat je hier vervolgens ook over na gaat denken. Bovendien ben je dan voortdurend aan het schakelen tussen dit en je andere bezigheden. Dit alles kost je (brein) heel veel energie.

 

3

Zorg voor inzicht en overzicht: wat is voor jou nu en de komende periode echt belangrijk en urgent?  En wat niet?

Om dit voor jezelf inzichtelijk te maken kun je de tijd-/prioriteitenmatrix (Stephen Covey) gebruiken. Wees kritisch en zorg ervoor dat je het overzicht ook echt kunt gebruiken en aanhouden.

Meer inzicht en overzicht kan helpen om weer meer gevoel van grip te ervaren. En dat kan weer helpen om je kalmer te voelen.

Deze matrix, met uitgebreide toelichting, vind je in het boek The Seven Habits Of Highly Effective People’ van Stephen Covey. En bijvoorbeeld ook in het boek ‘De kleine Covey – de zeven eigenschappen samengevat’ (Jan Kuipers en Ben Tiggelaar).

Een weergave van de tijd-/prioriteiten matrix, met ingevulde kwadranten als voorbeeld, vind je hier: https://www.franklincovey.nl/productiviteit-verhogen-doe-alleen-wat-belangrijk-is/

Hierbij staat een beknopte toelichting. Deze heeft een zakelijke context, maar de matrix kun je ook heel goed voor jouw persoonlijke situatie gebruiken.

 

4

Doe een ademhalingsoefening. 5 tot 10 minuten. Leg de nadruk op de uitademing.

Er is niet één specifiek optimaal adempatroon, maar de oefening hieronder wordt veel gebruikt (mits dit kan binnen je gezondheidssituatie):

  • Adem 1 seconde in en in 2 seconden uit. Doe dat een aantal keren.
  • Als dat goed gaat, kun je doorgaan met 2 seconden in en 4 uit.
  • Wanneer je hier meer ervaring mee hebt kun je dit uitbreiden met: 3 in en 6 uit en daarna 4 in en 8 uit.
  • Naarmate je meer getraind raakt, kan je stap 1 en soms ook stap 2 overslaan.

Ga niet forceren en de ademhaling proberen te ‘controleren’. Probeer je ademhaling te volgen met je aandacht.

Hiermee haal je de aandacht van je omgeving af en richt je deze enkel op je lichaam/ademhaling. Je draait hierdoor de ‘volumeknop’ van het deel van het brein van waaruit je kunt analyseren en beredeneren (neocortex) omlaag.

Het heeft een kalmerend effect op het zenuwstelsel en je ervaart meer rust in je hoofd en meer ontspanning in je lichaam.

Wanneer je dit met aandacht en zonder je te laten afleiden doet, voel je waarschijnlijk al na 5 tot 10 minuten meer ontspanning.

Deze interventie ‘kost’ weinig tijd is nagenoeg overal toepasbaar.

 

5

Zorg voor (alternatieven in) sociale contacten.

Op dit moment wordt zoveel als mogelijk ‘sociale onthouding’ van ons gevraagd en verwacht. Er zijn nu veel mensen die aanzienlijk meer dan anders thuis zijn. Ook hebben meer mensen te maken met de situatie dat ze nu geen bezoek kunnen of mogen ontvangen.

Probeer op een alternatieve manier in verbinding te blijven met anderen.

Bijvoorbeeld door te bellen of door gebruik te maken van ‘videobellen’.

 

6

Doe iets voor een ander.

Doe dit natuurlijk wel binnen richtlijnen en adviezen van het kabinet, RIVM m.b.t. het coronavirus. Je kunt bijvoorbeeld denken aan een kaart of brief sturen naar iemand. Of iets opzoeken/uitzoeken voor iemand die daar minder in thuis is, of… Je maakt de ander er blij mee, en het geeft je zelf ook een goed gevoel.

Zorg er wel voor dat het géén ‘moeten’ wordt, en dat het niet ten koste gaat van je eigen energie en rust. Het helpen van of aandacht geven aan een ander kan ook met kleine dingen, die je ook meteen ‘af kunt handelen’.

 

7

Doe iets wat je fijn vindt om te doen, waarvan je fysiek en mentaal ontspant.

Luister naar relaxte muziek. En zing mee. Bereid een lekkere en gezonde maaltijd als koken jou ontspant.
Wellicht ontspan je van creatieve activiteiten als schilderen, breien, tekenen etc. Ook werkzaamheden in de tuin of het opruimen van je huis kan ontspannend werken.

Tijdens deze activiteiten draai je de ‘volumeknop’ van je ‘analytische brein’ (neocortex) naar beneden. Hierdoor komt je hoofd tot rust, je lichaam ontspant en tegelijkertijd geeft het je positief gevoel.

 

8

Dankbaarheidsoefening

Ga na en voel waar je dankbaar voor bent, en maak dat concreet.

Een eenvoudige en veel gebruikte oefening is om wekelijks (1x per week) 5 dingen op te schrijven waarvoor je dankbaar bent.

 

Dankbaarheid draagt bij aan het ervaren van een positieve emotie.

Deze positieve emotie activeert je parasympatische zenuwstelsel waardoor je meer kalmte kunt ervaren.

Het regelmatig ervaren van positieve emoties helpt je om sneller te herstellen van stresssituaties.

 

 

Welke 2 acties spreken jou het meest aan, en waarom?

Wat is dé actie waar jij vandaag nog mee start om meer kalmte te ervaren?

 

Heb je hier vragen over, of wil je van gedachten wisselen over kalmte, stressmanagement, of veerkracht? Neem dan gerust contact met ons op.

 

Voor nu wensen we je kracht en kalmte toe.

We hopen dat je in deze storm de kalmte in jezelf gaat zoeken én vinden.

Zorg goed voor jezelf en elkaar.

 

Sandra Niezink               T. +31 (0)6 17178486 I sandra@andare.nl

Hilde Berentschot          T. +31 (0)6 54301069 I hilde@andare.nl

 

 

Lees ook onze andere blogs, klik hier >


Drie strategieën om absenteïsme te verlagen

In Nederland is ongeveer 2% van het verzuim onvermijdelijk door ziekte. Dit terwijl het verzuim, of liever gezegd absenteïsme, in sommige branches en organisaties wel drie of soms zelfs negen keer zo hoog is. In deze gevallen zijn medewerkers niet aan het werk door niet-medisch/biologische oorzaken in de werk en/of privésfeer. En als dat nog niet vervelend genoeg is, zien we het in het presenteïsme dat medewerkers die wel aanwezig zijn, niet productief genoeg zijn. Het vervelende maar ook het goede nieuws is, is dat organisaties hebben veel invloed op deze cijfers. Verbetering is dus zeker mogelijk.

Van alles al geprobeerd, zonder effect
Organisaties met hoge verzuimcijfers, en specifiek HR, hebben vaak al ontzettend veel geprobeerd om het absenteïsme te verlagen. Het is daarom extra lastig om nog te bedenken wat er gedaan kan worden om het tij te draaien. In de praktijk zien we dat deze oorzaken terug te herleiden zijn naar de volgende oorzaken;
• De bedrijfscultuur; de ontwikkeling van de organisatie (lerend vermogen) is traag door onproductieve gedrags- en communicatiepatronen. Nieuwe plannen en oplossingen stranden in beleidsnotities en krijgen niet hun bedoelde impact.
• Ineffectieve managementstijlen en/of gebrek aan waardegedreven leiderschap leidt tot lage betrokkenheid en verminderde inzet om samen de schouders eronder te zetten
• Organisatorisch zijn de primaire processen onvoldoende op orde wat leidt tot frustratie en kan leiden tot stressklachten

Het is in deze situaties belangrijk om samen te kijken naar de basis van de inrichting van het werk en de (preventieve én curatieve) processen rondom verzuim.

De drie strategieën
De eerste strategie om absenteïsme te verlagen is een simpel ABC'tje. Ervaart de medewerker wel Autonomie en zeggenschap over het werk? Is er Betrokkenheid tot de organisatie en/of het team? En is er aandacht en zijn er voldoende beschikbare middelen voor Competentieontwikkeling? De antwoorden op deze vragen zijn belangrijk om serieus te nemen en eventuele actie op te ondernemen.

In onderstaand filmpje licht Paul ter Wal het bovenstaande en twee andere strategieën toe: de Preventieve Providerboog en Jobcrafting.

Human Relations
In deze strategieën is een rode draad te zien die gaat over het ontwikkelen van zelfregie in duurzame inzetbaarheid bij de medewerker. Daarbij zal de rol en de taak van de werkgever verschuiven van het beheren en controleren van de “human resources”, naar het zorg en waarderend faciliteren van de “human relations”. Niet alleen omdat het verlagen absenteïsme en presenteïsme een organisatie ontzettend veel bespaard én oplevert, maar omdat medewerkers het verdienen om als meer gezien te worden dan een rood cijfertje.

Tekst: Marisja Verweij

Lees ook onze andere blogs, klik hier >


Al is het een cursus kantklossen: Value-to-Profit

Inzetbaarheidsdeskundige en werkgezondheidsarchitect Paul ter Wal weet het heel zeker. We denken nog veel te ouderwets over duurzame inzetbaarheid. Werknemers vergeten hun eigen, innerlijke drijfveren bij het werk dat ze al jaren doen voor die ene werkgever. En die werkgever kijkt teveel naar het economisch rendement op de korte termijn van de functionaris voor zijn eigen bedrijf. Zo worden we niet duurzaam inzetbaar. Beweging is nodig, mobiliteit, en die kan alleen van beide kanten komen. Hoe kan duurzame inzet wel werken?

Moeten werkgevers dan vooral meer ruimte geven aan hun mensen om zichzelf te ontwikkelen?

“Ruimte geven is belangrijk, maar het belangrijkste is dat mensen zelf de aandrang voelen om in beweging te komen. Er schiet mij een filmpje te binnen van een man en vrouw die op een roltrap staan terwijl ze omhoog gaan.

Opeens stopt de roltrap. Wat doen ze? Ze blijven staan en wachten op hulp. Dat vind ik heel typerend voor de houding van de meeste werknemers nu. Als er iets in het werk niet goed gaat, kijken we naar de werkgever en roepen “doe iets”. Jouw werkgever kan je toekomst niet bepalen, hij kan die toekomst wel faciliteren. Net zo kenmerkend voor hoe wij nog steeds denken over onze carrière is een filmje van de LOI. Een jongetje van vier weet meestal al wat hij wil worden: brandweerman. Op zijn 18e weet hij nog veel beter wat hij wil. Maar dan is diezelfde man 40 jaar, en hij zit achter zijn bureau en staart voor zich uit met een lege uitdrukking in zijn ogen. Hij wacht tot hij wat hoort van zijn werkgever.”

Misschien is die 40-jarige werknemer al tientallen jaren niets anders gewend dan te werken volgens strikte aanwijzingen van zijn werkgever. Zoniet, dan wordt hij ontslagen. En hij heeft een gezin.

“Dat ontslaat hem er nog niet van om na te denken over hoe hij beter kan werken! Dat geldt zeker ook voor mensen in zware beroepen. Je moet eerder in je carrière nadenken over de beste manieren waarop jij langer kunt doorwerken. En natuurlijk moeten werkgevers je daarbij helpen, werkgevers moeten ook slimmer worden en meer durven te investeren in mensen. Zelfs als het gaat om opleidingen, trainingen of cursussen die niks te maken hebben met het werk. Al is het een cursus kantklossen! Als een werknemer dat heel leuk vindt, krijgt hij of zij er zoveel energie van dat het ‘echte werk’ ook beter gaat.”

Deel de verantwoordelijkheid
Het is een gedeelde verantwoordelijkheid van werknemer en werkgever samen, wil Ter Wal maar benadrukken. Werkgevers zouden meer moeten investeren in hun mensen, zodat elke werknemer uit zichzelf met meer plezier aan het werk gaat, en zich beter en breder blijft ontwikkelen. Praat niet over terugbetalen van de opleidingskosten als je binnen een jaar weggaat. Maar de werknemer zou zelf ook meer, en eerder moeten nadenken over wat hij nog meer wil en kan. “Blijf nadenken over werk dat beter bij jou past. Dat geldt ook in de zware beroepen-discussie die we nu voeren. Ik vind werknemers daar vaak nog te passief in. Maar werkgevers moeten hun mensen ook meer ruimte geven om zelf na te denken over hun professionele toekomst. Vanuit het besef dat ze daar zelf ook profijt van hebben.”

Zoek je energiegever
Ter Wal wijst op de definitie van duurzame inzetbaarheid die de NEN hanteert: het vermogen van de werknemer om meerwaarde te vinden in zijn werk en dat te koppelen aan het werk van zijn werkgever. “Het begint dus bij de werknemer en zijn eigenwaarde. Zoek uit waar jij zelf het gelukkigst van wordt, waar krijg jij energie van, dat geeft je de veerkracht om elke werkdag weer opnieuw fluitend naar je werk te gaan. Zelfs als het iets is dat niets met je werk te maken heeft! Werkgevers die duurzame inzet serieus nemen geven je hiervoor de ruimte. Omdat ze weten dat je dan beter zult functioneren op je werk. Het Value to Profit model helpt om deze benadering van duurzame inzetbaarheid te verbinden met doelmatigheid.”

Paul ter Wal

Lees ook onze andere blogs, klik hier >


Op naar Verzuimaanpak 3.0: van proces naar mens

In de afgelopen maanden heb ik meerdere plannen van aanpak mogen schrijven voor een vernieuwde verzuimaanpak voor wat grotere organisaties.

Opvallend is dat deze organisaties met professionele afdelingen HR vaak een hoger verzuim hebben dan gemiddeld in Nederland en zeker dan de kleine organisaties: < 10 personeel 1,6% verzuim meerjarig (CBS).

Wat is er dan toch aan de hand? Uiteraard speelt een tekort aan medewerkers, meer (ervaren) werkdruk, relatief lage salarissen, maatschappelijke druk, mantelzorg en dergelijke een grote rol bij hoger verzuim. Dit naast stijl van leidinggeven, geaccepteerde cultuur en sterke segmentatie door generatie denken?

Wegzetten van mensen in protocol
Dit komt mede door de binnen de arbosector gepresenteerde, gehandhaafde en niet-betwiste benadering van ziekteverzuim. Het Poortwachter-denken; het wegzetten van een verzuimende medewerker in een protocol-aanpak die gebaseerd is op een wet die leeg is: de Wet verbetering poortwachter. Overigens wel dank aan Ton van Oostrum die een geweldige Memorie van Toelichting heeft geschreven bij deze Veegwet, waarin meerdere wetten zijn aangepast aan de ontwikkelingen bij de Poortwachter UWV.

Alle offertes die ik zie van de professionals in deze arbomarkt baseren hun hele aanpak op die vermeende Wvp: “op grond van de Wvp moeten……. Etc”.
Als je dan vraagt welk artikel deze professionals bedoelen, dan kijken ze je verbaasd aan: dat is toch geen vraag? Het is toch zo?

Dit staat zelfs ook zo op de website van het Ministerie SZW.

Verantwoordelijkheid op de juiste plek
Nu weet een meer deskundige arbospecialist, dat dit een kapstok is en slechts dient als naamgever voor een aanpak die voorkomt uit de Regeling Procesgang 1e & 2e Ziektejaar, notabene gebaseerd op artikel 38 van de Ziektewet (!!).

Wie die slechts 8 artikelen van deze Regeling eens leest en zeker de toelichting (geel en blauw), ziet dat er heel iets anders staat in die regeling dan de arboprofessionals ons aanreiken. Het gaat erom dat de werkgever zijn verantwoordelijkheid uit artikel 7:629 en 7:611 BW oppakt: het goed zorgen voor je medewerkers die om een medische reden hun werk niet kunnen doen.

Niet de arbodienst staat centraal maar de werkgever. Die werkgever moet zich laten bijstaan door deskundigen omdat de werkgever geen medische gegevens laat staan een medisch oordeel mag hebben. Zie ook artikel 13 Arbowet en de Beleidsregels Privacy van de Autoriteit Persoonsgegevens (AVG).

Ook de werknemer is als Goed Werknemer (twee maal opgenomen in de titel Arbeidsovereenkomst van het BW: dat is blijkbaar nodig) bezig om snel weer aan het werk te kunnen; dat heeft die werknemer namelijk zelf ondertekent: ik kan en wil werken.

Mensgerichte en integrale aanpak
Dus vraagt een verzuimaanpak een mensgerichte aanpak waarbij alle aspecten van het leven worden ondersteund door de werkgever met duidelijke medewerking van de medewerker. Dus ook de mogelijke aanleiding van uitval via coaching, psychologische ondersteuning e.a..

Dit vraagt dus niet alleen om maatwerk en flexibiliteit van de arbodienstverleners. Het vraagt ook en vooral inzicht binnen de organisaties zelf van hun al dan niet gedeelde kernwaarden en de daarop gebaseerde (verzuim)cultuur. Dus geen protocollen meer waarin de omzet van de arbodienst is gegarandeerd, maar een op maat van die medewerker, en de voor die medewerker onderliggende vraag, aangepaste aanpak met duidelijke wederkerige afspraken. NB Een organisatie is een verzameling van mensen en geen abstract gegeven.

In een tijd van tekorten en werkdruk zou het fijn zijn als medisch verzuim weer wordt beperkt tot 2,5% (punt) en de rest van de inzetbaarheidsvragen worden benaderd van die mens, zonder direct van klachten ziekten te maken.

Dit vraagt een professionele inzet van de bedrijfsarts (onmisbaar mits zelfkritisch), van andere ondersteuners maar vooral ook een cultuuraanpassing bij werknemers en hun werkgevers. Een gedeelde set van kernwaarden kan leiden tot een aanpassing van de gedragen cultuur. Een gedragen cultuur kan de basis zijn van meer openheid, meer feedback en echte waarde(n)volle gesprekken. Dan gaat het verzuim naar beneden en gaat de productiviteit omhoog, zoals veel onderzoeken laten weten.

Daar moeten organisaties wel toe bereid zijn; gelukkig zien we dat steeds meer, ook in ons eigen land. De keuze is aan de werkgevers en aan de werknemers; allemaal mensen binnen een organisatie.

Wat een mooie tijd voor een mensgerichte benadering.

Meer weten?  We vertellen je graag meer over.

Paul ter Wal, CSP FPSA  T +31 6 51663087 I paul@andare.nl

 

Lees ook onze andere blogs, klik hier >


Werkgeluk of bevlogenheid?

Het gemiddelde werkcijfer dat Nederland in 2019 aan haar baan geeft, is een 7,2.
Een ruime voldoende.

Het is altijd lastig om betekenis te geven aan cijfers. Wat is nu het mentale plaatje bij een 7, 2? Het is niet een cijfer waarbij je direct in beweging komt. Het vraagt niet echt om actie. Het is wel goed… niet euforisch, maar wel OK. ’T Kan slechter. T’ kan beter.

We zijn tevreden.

Bij een term als WERKGELUK denk ik niet direct aan een 7,2.
Werkgeluk is voor mij toch minimaal een 8.
Ik weet niet hoe dat jou vergaat?

Als jij vroeger op school blij was met een 6, dan is een 7,2 voor jou een dikke prima. Maar als je een perfectionist bent, dan is hetzelfde cijfer zwaar waardeloos.

Precies: keiharde cijfers vertellen slechts een deel van het verhaal.

Werkgeluk is momenteel een hot topic. Daar streven we met z’n allen heel graag naar, dat brengen we in kaart met hippe infographics, cirkeldiagrammen en Excelsheets. Heel belangrijk, want gelukkige werknemers zijn productiever, creatiever, meer betrokken bij de organisatie en minder vaak ziek. Als je dat vertaalt naar harde cijfers? Nou, reken maar uit!
Een 7,2 levert geld op, maar een 8 of hoger... Maar wat is dan ons mentale plaatje bij het begrip werkgeluk?

Ik ga zelf absoluut voor werkplezier en ik spoor mensen altijd aan om daar pro-actief voor te gaan, maar ik houd ook van een beetje realiteitszin.
Het leven kan niet alle (werk)dagen vol (werk)geluk zitten. Na de feestmaaltijd moet je ook de afwasmachine inruimen.

Wanneer je altijd maar streeft naar (werk)geluk dan loop je hoogstwaarschijnlijk keihard tegen ‘the off-perfect’ aan. Dat zijn de rafelranden, het corvee van je arbeidzame leven, het gedoe.

 

Volgens mij heeft een organisatie het meest aan mensen die kunnen dealen met gedoe, met weerstand, met rafelranden, met ongemak en met contrast tussen confettikanonnen en stofzuigen.

Om ergens te komen moet je investeren…Als je wil groeien, moet je ook snoeien en leren…Zonder wrijving geen glans..”Elk voor heb z’n tegen”, soms voelt het glas half vol, soms lijkt het half leeg. “Vallen, opstaan en weer doorgaan”.

Gewoon dat..
Veerkracht
Is dat werkgeluk? Jij mag het zeggen.
Het is wel bevlogenheid!

Sandra Niezink
Trainer & Coach bij Team ANDARE

Lees ook onze andere blogs, klik hier >